Karrensporen. Een verademing en bijna een noodzaak!

Ontwikkelingen, veranderingen en over elkaar heen knallende indrukken komen in zo’n tempo dat ze niet meer bij te benen zijn. Laat staan dat we ze kunnen verwerken, er aan kunnen wennen en ze zo kunnen laten bezinken dat we het begrijpen en het kunnen opslaan in ons onbewustzijn. De snelheid van vooral technische ontwikkelingen ten opzichte van de traagheid van ons aanpassingsvermogen. Menselijk gedrag dat niet zo snel evolueert als we wellicht zouden wensen.

Dat betekent dus dat we non-stop aan moeten staan. Bewust. Omdat het nog geen deel van ons onbewustzijn is geworden. Doodvermoeiend. Veel vermoeiender dan ‘stomweg hard werken’ waarbij je ten dele op je routine en gewoonte kunt acteren.

In de laatste 10 jaar is het allemaal zo hard gegaan dat bijvoorbeeld uitvoerende ‘overheidsinstanties’ het niet meer kunnen bijbenen. Automatiseringsprojecten de gebruikers niet opleveren wat men er van hoopte. Ouderen die hun baan kwijt geraakt zijn en al binnen een paar maanden hun oude werk niet meer herkennen.

We raken niet gewend aan regels rond Covid, simpelweg omdat ze steeds veranderen. Wat trouwens ook geldt voor steeds veranderende plannen rond stikstof en anti-opwarmingsmaatregelen.

Ook in het verkeer kunnen we niet gewend raken aan de snelheid (en vaak de onhandigheid) van elektrische fietsen, van snorfietsen op de rijbaan, van steeds grotere groepen wielrenners die ‘op een app’ doordenderen en aan de snel ouder wordende groep waartoe ikzelf behoor die langzaam minder snel en handig wordt. Al die verschillende snelheden op de weg…..

Zelf thuis moet je steeds aan van alles wennen omdat bijna iedere leverancier, van overheidsdiensten tot banken en van apotheek tot energie, de dienstverlening blijft veranderen. Onder het motto ‘we maken het u makkelijk!’ Geloof mij, daarmee maak je het velen beslist níet makkelijk!

Dan te bedenken dat we aan de vooravond staan van ‘de grote verbouwing’ van Nederland. Kunnen we dat wel? Hebben we een overheid die dit kan managen én uitvoeren? Kunnen wij hier als burgers mee overweg? En vooral: Met welke snelheid?? We hollen nu al achter de ontwikkelingen aan!

Hoezeer ik ook genoot van 50 jaar op tempo werken, coachen en besturen, er was bijna altijd wel de gelegenheid om een karrenspoor te vinden. Op het werk, onderweg en thuis. Een karrenspoor waarop je in relatieve rust toch vooruitkwam. Even op adem kwam. Gebruik makend van je onbewustzijn. Bewust van je omgeving. Tot jezelf komend. Nieuwe inzichten en ideeën genererend.

Wie ik ook spreek, van welke leeftijd dan ook, het steeds maar ‘aan staan’ zonder natuurlijk ontsnappingsroute treft iedereen. Wil je nu ontsnappen dan moet je echt en zelf op zoek. Bijna ieder karrenspoor is verdwenen of veranderd door van bovenaf ingrijpen. Het heet nu ‘fietsstraat waar de auto op bezoek is’. Of op kantoor ‘concentratieruimtes’ en ‘ontspanningsruimtes’.

Ik prijs me rijk een rustige tuin te hebben waarin waterlelies, vlinders, bijen en vogels hun vanzelfsprekende ritme op natuurlijke manier op mij overdragen. In die tuin organiseren wij af en toe wijnbeleverijen. Anderhalf uur afgekoppeld en ontspannen genietend van een wijntje, hapje, verhaaltje en van elkaar. Misschien gaan we wel meer beleverijen houden. Nu nog het karrenspoor buiten huis en tuin zien te vinden. Niet alleen voor nu maar zeker ook voor straks.

Een karrenspoor waarop ik samen met anderen de enorme hoeveelheid zeer snelle veranderingen even kan afkoppelen. Terug naar de gelukzaligheid van samen geen haast hebben. Tijd om tijd te hebben. Wellevend te zijn. Genietend van de vertrouwde rust. Mijmerend. ‘Neem me niet kwalijk’ zeggend omdat ik een ander voor de voeten loop. Onbereikbaar te zijn om straks als mens goed bereikbaar te zijn. Weg van onnatuurlijke prikkels en op naar natuurlijke verwondering.

Wat een verademing. Letterlijk………

Rob Franse, 27 juli 2022

Eén gedachte over “Karrensporen. Een verademing en bijna een noodzaak!”

  1. Zo herkenbaar. Vn. In gedachte. En dan als je dit zo leest er bewuster mee kan omgaan. Zeker in theorie. Nu nog in de praktijk..
    Dank je Rob.
    Pieter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.